Shin splints

8 december 2009 door Hardloopblessurevrij.nl  
Categorie Gezondheid, Hardloopblessure's

Wat is Shin splints?
Shin splints, in de volksmond beter bekend als ‘scheenbeenvliesontsteking’ of ‘springschenen’ en is de term die ook wel gebruikt wordt voor het ‘Mediaal Tibiaal Stress Syndroom’ (MTSS).
Het is een ontsteking van de aanhechting van een kuitspier aan het scheenbeen. Dit zorgt voor een doffe of zeurende en vermoeide ¬pijn in het onderste 1/3 deel van het been, aan de voor/binnenzijde bij de schenen, zie figuur 1. MTSS kan ontstaan na, maar ook tijdens inspanning.

Figuur 1; locatie van het Mediaal Tibiaal Stress Syndroom (MTSS).

Figuur 1; locatie van het Mediaal Tibiaal Stress Syndroom (MTSS).

Lichaamssignalen
Bij MTSS zijn drie fasen te herkennen:
- In de eerste fase beginnen MTSS-klachten vaak met een licht gevoel van vermoeidheid of spierpijn in de kuit. Na enige rust gaan de klachten over het algemeen vanzelf weer over. De verleiding is dan natuurlijk groot om maar gewoon door te trainen.
- In de tweede fase geeft rust al weinig tot geen afname van de klachten meer. De pijnklachten zijn blijvend en worden erger in intensiteit. Er ontstaan vaak sterke druk pijnlijke plaatsen aan de binnenzijde op en naast het scheenbeen. Over het algemeen kun je aannemen dat de klachten het eerst aan de onderzijde van het onderbeen ontstaan, en dat zich dit, naarmate de klacht verergert, ook meer naar boven toe uitbreidt. Bovendien zijn er vaak kleine “korreltjes/rijstekorreltjes” op het bot voelbaar. Dit is een direct tastbaar gevolg van de irritatiereactie van het beenvlies.
- In fase drie kan zelfs het normale functioneren (staan, lopen) sterk zijn belemmerd. De pijn kan overheersende vormen aannemen, terwijl van een normale voet/been functie soms zelfs geen sprake meer is.

Incidentie / Prevalentie
Van alle hardloopblessures valt 12-18% onder de noemer MTSS. Verder komt MTSS voor bij sporters die veel springen. Hierbij kan gedacht worden aan dansers, basketballers, volleyballers en verspringers. Daarnaast is opvallend dat bij 4-10% van de militaire rekruten, die minimaal 8-10 weken training hebben gehad, signalen van MTSS te zien zijn.

Etiologie (ontstaanswijze) en predisponerende factoren
Oorzaken van MTSS kunnen zijn: platvoeten of onderbenen die buitenwaarts gedraaid staan en overbelasting door een verkeerde trainingsopbouw, slecht schoeisel (het teveel naar binnen laten kantelen van de voet of het te weinig absorberen van schokken), een verkeerde hardloopondergrond (weinig schokdemping) en een slechte hardlooptechniek.

Wanneer de voet teveel naar binnen is gekanteld, ontstaat er een platvoet. Hierdoor worden bepaalde spieren aan de voor/binnenzijde bij de schenen meer op rek gebracht. Deze rek kan uiteindelijk de pijn veroorzaken.
Er ontstaat overbelasting en vermoeidheid van deze spieren. Gevolg is dat de spieren schokken (tijdens hardlopen, springen) niet meer goed kunnen opvangen. De schokabsorptie zal meer plaatsvinden in het bovenste deel van het scheenbeen. Het bot en het scheenbeenvlies raken daardoor overbelast op deze plek.
Daarnaast trekken de spieren met forse kracht aan het scheenbeenvlies. Hierdoor ontstaan kleine scheurtjes in de aanhechting van de spier op het bot en in het scheenbeenvlies.

Diagnose
Voor de diagnose MTSS kun je terecht bij een (sport)fysiotherapeut. Deze zal een vraaggesprek afnemen en vervolgens kijken naar eventuele drukgevoeligheid, zwelling en spieromvang van het onderbeen. Tevens kan gebruik gemaakt worden van echografie om de diagnose te bevestigen. Indien nodig kan de diagnose ook gesteld worden aan de hand van een botscan. Tenslotte kan er een RX (foto met behulp van radiologie) gemaakt worden, ter uitsluiting van een eventuele stressfractuur.

Behandeling
Voor de behandeling van MTSS bestaan verschillende mogelijkheden:
• relatieve rust en onbelaste bewegingen: binnen de pijngrens belasten
• ontstekingsremmers, zoals ibuprofen en diclofenac
• ijs op de pijnplek na belasting
• massage van de kuitspieren, niet op de peesaanhechting
• oprekken van de diepe kuitspieren, bijvoorbeeld met behulp van een elastische dynaband
• stabiliteitsoefeningen
• betere schoenen met meer demping
• zooltjes die naar binnen kanteling van de voet tegengaan.

Belangrijk is om de behandeling zoveel mogelijk te richten op het aanpakken van de oorzaak. Vooralsnog blijken schokabsorberende en naar binnen kanteling-corrigerende zooltjes het meeste effect te hebben. Daarnaast zijn het aanpassen van de trainingsbelasting en het blijvend volhouden van een extra goede warming-up en cooling-down over het algemeen voldoende om MTSS te voorkomen.
Een onbehandelde MTSS kan in sommige gevallen uiteindelijk leiden tot een stressfractuur (vermoeidheidsbreuk / incomplete botbreuk) van het scheenbeen.

Bronnen & Literatuur
www.hardloopblessurevrij.nl
• Bennett, J.E. et al, ‘Factors contributing to the development of medial tibial stress syndrome in high school runners’, In: Journal of Orthopaedic & Sports Physical Therapy. 31(9), september 2001.
• Busseuil, C. et al, ‘Rearfoot-forefoot orientation and traumatic risk for runners’, In: Foot & Ankle International. 19(1), januari 1998.
• Craig D.I., ‘Medial tibial stress syndrome: evidence-based prevention’, In: Journal of Athletic Training. 43(3), 2008.
• Krivickas, L.S., ‘Anatomical factors associated with overuse sports injuries’, In: Sports Medicine. 24(2), augustus 1997.
• Mosterd, Prof. Dr. W.L. et al, Het sport-medisch formularium, een praktische leidraad; 3e editie, 2005.
• Neely, F.G., ‘Biomechanical risk factors for exercise-related lower limb injuries’, In: Sports Medicine. 26(6), december 1998.
• Thacker S.B., Gilchrist J., Stroup D.F., Kimsey C.D., ‘The prevention of shin splint in sports: a systematic review of literature.’ In: Medicine and science in sports and exercise. 34(1), januari 2002.
• Williams ΙΙΙ, D.S., McClay, I.S., Hamill, J., ‘Arch structure and injury patterns in runners’, In: Clinical Biomechanics. 16, 2001.
• Yates, B. en White, S., ‘The incidence and risk factors in the development of medial tibial stress syndrome among naval recruits’, In: The American Journal of Sports Medicine. 33(3), 2005.

Wat vind jij?

Vertel ons wat jij er van vindt...
en oja, wil je een foto bij je reactie, doe dat via gravatar!