TRACTUS ILIOTIBIALIS FRICTIE SYNDROOM (TIFS)

Wat is een TIFS
TIFS wordt ook wel Runners Knee genoemd. Het ontstaat door een herhaalde beweging van de peesplaat (tractus iliotibialis) aan de buitenkant van het bovenbeen over een botpunt van de knie (laterale epicondyl). De pijn/irritatie treedt op wanneer de voet neer wordt gezet, waarbij de knie ongeveer 30 graden gebogen is. De pijn zit vaak aan de buitenzijde van de knie, welke soms uitstraalt naar het onderbeen. De pijn is meestal zeurend of brandend van karakter. Deze klacht komt veel voor bij hardlopers. Het begint vaak met een lichte irritatie tijdens het lopen en wordt erger bij toename van de loopintensiteit (frequentie, afstand en/of snelheid).

Figuur 1; Buitenzijde van het bovenbeen met de tractus iliotibialis, de m. Gluteus maximus, de m. Tensor fascia latae en het “frictiepunt”.

Figuur 1; Buitenzijde van het bovenbeen met de tractus iliotibialis, de m. Gluteus maximus, de m. Tensor fascia latae en het “frictiepunt”.

Anatomie
De tractus iliotibialis is een dikke peesplaat van bindweefsel. Deze peesplaat loopt vanaf de heup langs de buitenzijde van het bovenbeen richting de onderkant van de knie. De aanhechting van de peesplaat zit op de buitenkant van het scheenbeen. De tractus iliotibialis zorgt voor zijwaartse stabiliteit van de knie en overdracht van krachten die ontwikkeld worden door twee spieren; m. gluteus maximus en de m. tensor fascia latae. Zie figuur 1.

Etiologie (ontstaanswijze)
De Tractus Iliotibialis Frictie Syndroom wordt vaak veroorzaakt door een herhaalde beweging van de peesplaat over een botpunt aan de buitenzijde van de knie; het zogenaamde frictiepunt (zie figuur 1). Daardoor ontstaat irritatie/ontsteking van de peesplaat of net achter de peesplaat.
Predisponerende factoren
Uit wetenschappelijke artikelen is gebleken dat het tractus iliotibialis frictie syndroom veroorzaakt of in stand gehouden kan worden door:

Excentrieke factoren
- Veel heuvel af lopen; de knie wordt hierbij meer in buiging gehouden, waardoor de tractus iliotibialis meer intens contact houdt met de botknobbels.
- Te snel/intensief opgevoerd hardloopschema
- Slecht schoeisel
- Eenzijdige belasting; bv.: veel aan één zijde van de weg hardlopen.

Intrinsiek factoren
- Genu varum (O-benen);
- Te veel bewegelijkheid in de knie. Dit kan leiden tot meer ‘O’-stand van de knieën, waardoor deze meer naar binnen draaien en wat meer rek geeft op de tractus iliotibialis;
- Beenlengteverschil;
- Verkorte spieren (m. tensor fascia latae en m. gluteus maximus), die een toename van spanning geven op de tractus iliotibialis.

Prevalentie
Per jaar komen er ongeveer 3 op de 1000 mensen in aanraking met het Tractus Iliotibialis Frictie Syndroom. Dit maakt het tevens een van de meest voorkomende knieklachten.
Deze type klachten hebben sinds de jaren 80 een grote vlucht genomen. Dit komt voornamelijk door een toename in populariteit van duursporten als hardlopen en fietsen.

Diagnostiek
Om de aandoening, de oorzaak en de ernst vast te stellen zal er eerst een vraaggesprek worden afgenomen. Vervolgens zullen er een aantal testen worden gedaan om vast te stellen of er sprake is van een Tractus Iliotibialis Frictie Syndroom. Tevens wordt er gekeken naar de excentrieke en intrinsieke factoren die klachten in stand kunnen houden.
Daarnaast kan er een loopanalyse gemaakt worden om te kijken of de schoenen en/of loopstijl invloed kunnen hebben op (het houden van) de klachten. Echografie kan een ondersteunend middel zijn om de diagnose te bevestigen.

Behandeling
De therapie is afhankelijk van de oorsprong van de klachten. Vaak wordt er actieve oefentherapie gegeven om spieren sterker te maken en de lengte van de spieren te optimaliseren. Tevens zal er advies gegeven worden over de risicofactoren (excentrieke en intrinsieke factoren) die de klachten in stand houden.

Literatuur
www.Hardloopblessurevrij.nl
• Kloppenburg S, Looptechniek en het iliotibiale bandsyndroom – case report, 2009
• Richard Ellis, Wayne Hing, Duncan Reid, Iliotibial band friction syndrome – a
systematic review 2006, New Zealand
• John Fairclough, Koji Hayashi, Hechmi Toumi, Kathleen Lyons, Graeme Bydder,
Nicola Phillips, Thomas M. Best, Mike Benjamin, The functional anatomy of the iliotibial band during flexion and extension of the knee: implications for understanding iliotibial band syndrome, J. Anat. (2006) 208, pp309–316.

Wat vind jij?

Vertel ons wat jij er van vindt...
en oja, wil je een foto bij je reactie, doe dat via gravatar!